Chào các bạn! Truyen4U chính thức đã quay trở lại rồi đây!^^. Mong các bạn tiếp tục ủng hộ truy cập tên miền Truyen4U.Com này nhé! Mãi yêu... ♥

5.

Uitvoering Experiment: Abby Anderson

Aanpassingen aan Methode:

"Land aan zicht! Land aan zicht! Wie-Oeh Wie-Oeh" schreeuwt Diayu door de kamer. De lampen flikkeren net aan. Beide onprettig voor iemand die net uit haar slaap is gehaald.

Er vliegt een object de kamer door richtig Daiyu, die nog steeds soortgelijke dingen staat te schreeuwen, maar mijn ogen zijn nog te moe om goed te kunnen focussen erop. Het doffe geluid dat het maakt als het in contact komt met Daiyu laat het erop wijzen dat het een kussen is.

"Er is land in zicht" herhaalt Daiyu een laatste keer, kalmpjes.

"Gefeliciteerd! Het is ook godverdomme 2.37 in de nacht!" Is Camilla de eerste die reageert. Zij is tevens ook veel te luid.

"Kapitein Ruby wil dat jullie je klaar maken aan land te gaan" kondigt Daiyu aan. Ze is bloed serieus.

"Vertel Kapitein Ruby maar dat ze vooral rustig aan doet met aan wal gaan" zeg ik terug, extra nadruk leggend op de belachelijke titel van kapitein. Direct na mijn woorden draai ik mij om een een comfortabelere posititie in bed, in de hoop nog wat minuten op te pikken.

Een deur opent en sluit, gevolgd door net geen perfecte stilte. Doordat de deken over mijn hoofd ligt, komt er geen straaltje kunstmatig licht van de lamp die Daiyu aangelaten heeft, in mijn ogen. Het zijn de ideale omstandigheden om weer terug in slaap te vallen.

Maar doe ik dat? Ho maar. Mijn brein is inmiddels veel te wakker, en druk bezig mij allerlei gedachten te geven. Ergens klinkt er zelfs muziek. Het is er nog net geen feest.

Na, gok ik zo, vijf minuten piekeren en scenario's starten om in slaap te vallen, ben ik er klaar mee. Ik kan niet eens een simpel scenario afspelen zonder binnen drie seconden afgeleid te raken door een willekeurig andere gedachte.

En dus gooi ik het deken maar van mij af. Toch blijf ik heel even liggen. Ik kan mijn spullen gaan pakken, maar veel werk is dat niet.

Het was al ingecalculeerd dat we vandaag zouden arriveren. Gisteren zijn dus al veel voorbereidingen verzorgd. Dus is er wel iets dat ik kan doen? Daarbij, hoelang duurt het nog voordat we aan wal staan?

Langzaam breng ik mijn benen over de rand van het bed. Deels uit onzekerheid en moeheid, deels door het wiegelen van de boot. Ik schuif mijn voeten in mijn sloffen om vervolgens direct op te staan.

Stap voor stap ga ik het lijstje aan taken in mijn hoofd af: eerst bed opmaken, plassen, handen wassen, tanden poetsen, kleding aandoen, tas op bed zetten, laatste toiletspullen opbergen, kast opendoen, controleren of er nog iets van mij ligt en als laatste tas dichtritsen. Het is allemaal een kwestie van enkele minuten, en ondertussen wordt ik langzaam pas echt wakker.

Het rechter hengsel van de rugzak sla ik over mijn schouder heen, en ga ermee de kamer uit. De oceaan laat zijn aanwezigheid merken middels geluid, maar de nacht zorgt ervoor dat er niets zichtbaar is. Ook op het dek is het donker, toch staan de lichte muren genoeg af van de duisternis om duidelijk onderscheid te kunnen maken. De weg naar de brug is gelukkig goed te vinden.

Op de brug tref ik Alana en Ruby aan. Ze zijn een gesprek aan het voeren, en hebben niet in de gaten dat ik binnen kom. Pas wanneer ik mijn tas op de grond zet, kijken ze om.

"Abby, wat doe jij hier?" vraagt Ruby net zo verbaasd als haar gezicht uitstraalt.

"Daiyu had ons gewekt".

Ruby knikt slechts als antwoord.

Daiyu is trouwens spoorloos.

"We zijn er bijna?" vraag ik dan maar, beetje voor bevestiging, beetje om een gesprek te starten.

"Klopt," begint Ruby, "We zijn enkele kilometers van de kust, het is echter nog de vraag waar we aan land kunnen gaan, dus zal nog zeker tot in de ochtend duren"

Er klinkt een plof achter ons.

"Fucking Daiyu!" schreeuwt Camilla haast, boos. Zelf voel ik die irritatie ook. Ze heeft ons voor niets van onze nachtrust verstoord.

"Niets aan te doen. Ik neem aan dat jullie alles al gepakt hebben?"

Zowel Cam als ik knikken ons hoofd.

"Alana, heb jij nog iets wat ze kunnen doen in de tussentijd?".

Alana staat voor het roer, en kijkt uit naar de duisternis. Ze heeft mij of Cam niet aangekeken sinds we hier zijn. Beter ook, voor we een gevalletje Costa Concordia krijgen.

"Nee, alles is al geregeld. Kijk of jullie misschien al iets voor de ochtend kunnen voorbereiden, zoals ontbijt" zegt ze, ook inmiddels uitgeput van deze reis. Ik denk dat ik haar nog nooit zo lang serieus heb gezien als tijdens deze trip.

Opnieuw knikken Cam en ik slechts als antwoord. Tweemaal zelfs, eenmaal naar de twee dames voor ons, een keer naar elkaar ter bevestiging. We lopen terug naar de hut, en verdrijven onze tijd om alvast wat broodjes te smeren voor de ochtend. Het voelt als voorbereiden voor een schoolreisje. En de beleving zal morgen vroeg ongeveer hetzelfde zijn; het is pas drie uur geweest, dus de broodjes zullen net zo zumpig zijn als met een schoolreisje.

Wanneer twaalf broodjes zijn gesmeerd, en alles is opgeruimd, blijven Camilla en ik even zitten aan de keukentafel. Ikzelf ben inmiddels klaar wakker, Camilla daarentegen ziet er niet zo fris uit.

"Weet je nog op de middelbare school?" vraagt ze plots. Het klinkt opgewekter dan ze eruitziet, dus misschien had ik niet helemaal gelijk. Wel lijkt ze in net zo'n nostalgische bui als ik.

"Ligt eraan welk moment je precies bedoelt". Ik lach er wat bij.

"Ja, je weet wel, toen we ons voordeden als stel".

Ze is even stil en kijkt mij verwachtingsvol aan.

"Welk jaar was dat ook alweer? Het vierde?"

Ik moet lachen aan de gedachten hoe we hand in hand door de schoolgangen liepen, alsof dat dé indicator was dat we een relatie hadden.

"Het derde, volgensmij," corrigeert ze mij, en ze pauzeert even, "Ben ik blij dat zoiets nu voorbij is".

Ik knik instemmend.

"Wat hebben wij ons belachelijk gedragen"

"Dat niet alleen, ik bedoel ook, zegmaar, dat hele propaganda gedoe dat ons om de oren werd gegooid en ons aanpassen zodat we in het ideaal passen". Hoewel kalm, zit er een oprechte boosheid achter. Haar ogen zijn fijngeknepen, haar rode wenkbrauwen gefronst.

En ze heeft gelijk. Maar ik kan niet zeggen dat dit mijn eerste gedachte was, eigenlijk.

De deur naar de hut opent, en ik moet zeggen dat ik daar stiekem wel blij mee ben. Ik had alles behalve zin in een diepgaand gesprek in de vroege ochtend.

Het is Daiyu die binnenwandelt, nog net zo vrolijk als ze ons een dik uur geleden heeft gewekt.

"Kapitein Ruby was verbaasd waarom wij zo vroeg op waren" bekritiseerd Camilla nog voordat Daiyu de kans heeft bij ons te zitten. Daiyu trekt zich hier echter niet veel van aan, en haalt slechts een maal haar schouders wat nonchalant op.

"Ik verveelde me, en had companie nodig". Haar nonchalance blijft aanwezig als ze naast Camilla gaat zitten.

Cam en ik geven elkaar een korte blik, maar zeggen verder niets. Ook tegen Daiyu weet ik niet zo goed wat ik hierop moet zeggen. En gezien niemand verder ook maar enig idee heeft wat te zeggen, blijft het voor een lange tijd stil.

Misschien moet ik gewoon met mijn hoofd op tafel slapen. Zoals veel deden op school.  Afhankelijk van de docent werd je gewekt. Meestal lieten ze je ook wel liggen als je van een hoger jaar afkwam. Alsof ze dan mee compassie voor je hadden.

Heel even kijk ik naar de twee dames voor me, voor ik mijn officiële besluit maak.

Nee, deze twee laten mij echt niet liggen.

*****

Camilla steekt haar hand naar mij uit. Met liefde neem ik deze aan voor ik weer naar mijn voeten kijk, zodat zij zeker de oversteek van boot naar wal zonder struikelen of vallen doormaken. Wanneer beide voeten op stevige, houten planken van de steiger staan, span ik de helpen van rugzak wat aan. Klaar voor een nieuw avontuur.

Maria, die voor mij en Cam is afgestapt, kijkt wat om haar heen naar het vaste land.

"Ligt het aan mij of is het hier fucking dood?"

Ruby is de laatste die afstapt, en allemaal nemen we niet alleen de aanlegplaats, maar ook de rest van onze omgeving in ons op. 

Er staan misschien een paar andere boten hier aangelegd. De meesten zijn waarschijnlijk kleiner dan Alana's vissersboot. Vanuit de open aanlegplaats is er maar een weg naar het binnenland van dit eiland, en die gaat regelrecht het dichte bos is. Er is geen sprake van behuizing of iets wat duidt op een bewoonde wereld.

Het enige geluid, op onze ademhaling na, is het klotsen van het zeewater tegen hout en steen, het geritsel van de bomen. Hier en daar klinkt het geschreeuw van een of andere verdwaalde vogel. Ik denk tenminste dat het een vogel is.

"Wellicht is deze haven wat gedateerd" constateert Ruby. Haar wenkbrauwen zijn wat bedenkelijk gefronst. Haar ogen daarentegen staan wat groter. Volgensmij is zij ook niet zo heel zeker van haar zaak, en dit is de eerste keer dat ik haar zo zie.

Toch neemt ze snel een besluit.

"Als we dit pad volgen, komen we vanzelf in de bewoonde wereld terecht". 

Camilla buigt zich voorzichtig wat meer naar mij toe.

"Dit klinkt als het begin van een horrorfilm".

Ik grinnik.

"Wil je wedden om een moordenaar in ons midden, of een monster in het bos".

 Camilla snuift luid.

"Dat is een oneerlijke weddenschap, degene die wed om de moordenaar kan makkelijk het resultaat beïnvloeden".  

We sjokken achter de andere vier dames aan. Ons gesprek stijgt niet in niveau. Eerder gedaald. Gelukkig stoort niemand zich aan ons. Niet visueel in ieder geval.

Het pad in het bos is niet verhard. Er liggen wel iets meer steentjes en kiezeltjes op het pad dan verspreid tussen de bosjes. Het pad is niet helemaal recht. Het midden is iets hoger gelegen dan de zijkant; er is vaker met een voertuig hierover gereden. Maar echt verse sporen zijn niet zichtbaar.

We lopen enkele minuten door, behalve dat de dichtheid aan bomen, verandert aan ons uitzicht niet veel. De vogels zijn net zoals enkele van ons hard aan het tetteren.

Ruby stopt plots met lopen. Daiyu, die uiteraard niet bezig was met wat voor haar gebeurde, loopt vol tegen haar aan. Allemaal lachen we wat.

"Stil nu," kondigt Ruby aan. Ze kijkt geen van ons aan, maar haar blik is onrustig de omgeving aan het scannen.

"Wat is er?" vraagt Alana ongerust.

"SHHH!". Met een bewondelijke reflex duwt Ruby haar hand voor Alana's mond.

Als resultaat durft de rest van ons dames niet eens meer adem te halen. Er is complete stilte.

"Horen jullie dat ook?" vraagt Ruby dan uiteindelijk.

Opnieuw is iedereen stil. Maar wel gefocust op alle mogelijke geluiden van de omgeving.

Vogels zijn nog steeds druk in de weer. Er is een lichte bries dat zorgt voor het ritselen van bladeren. Sommige bomen kraken zoals ik zou willen dat mijn ruggengraat zou kraken.

En, in de diepste verte, is een licht gebrom te horen.

"Klinkt als een voertuig," concludeert Camilla als eerste.

"Komt dichterbij ook," voeg ik nog toe.

Ruby's donkere ogen lijken op te lichten in de duisternis. Haar kraaienpootjes worden duidelijker door het krullen van haar mondhoeken.

"De bewoonde wereld komt onze kant op".

Voor iemand het ook maar door heeft, is Daiyu alweer enkele meters verder gehuppeld. Niemand zegt iets, maar ook is er niemand die protesteert. Dus wordt snel het voorbeeld van Daiyu opgenomen.

Het duurt niet lang voor we het voertuig ook naderen. Koplampen schijnen door de bomen. 

"Moeten we niet langzaam aan de kant? Ik vind dat die best snel onze kant uit komt" vraagt Maria, ietwat verontrust.

"Ik denk inderdaad niet dat hij ons in de gaten heeft" gaat Alana op haar in. 

Beide meiden gaan alvast wat meer aan de kant lopen.

"Ik denk dat we beter aan de kant kunnen gaan, en aangeven dat we willen liften" besluit Ruby voor ons. 

Half struikelend ga ik naast de weg staan. Camilla en Daiyu staan bij mij. Ruby, Alana en Maria staan aan de andere kant.

Het voertuig begint langzaam gedetailleerder te worden. De kabine ligt hoog, en het is een wat zwaardere auto. Het heeft wat weg van een bestelbus, of misschien een pick-up truck. Maar naar mate het ons nadert, vermindert het vaart.

Het stopt aarzelend bij ons, en de ramen gaan aan beide kanten van de kabine omlaag. Het is inderdaad een pick-up truck.

"Kan ik jullie helpen?" vraagt de bestuurder zacht. Hen stem is wat zwaarder. Iets wat ik niet vaak heb gehoord.

Ruby neemt namens ons het woord.

"Is er toevallig een dorp of iets in de buurt?".

De bestuurder kijkt bedenkelijk, hun wenkbrauwen in een lichte frons, hun mondhoeken ietwat naar beneden gekruld.

"Ik kom er net vandaan. Het is wel een behoorlijk stuks lopen," hen pauzeert even, en lijkt te twijfelen of hen wel door moet gaan. Toch maakt de bestuurder hun dialoog af. "Ik moet iets ophalen bij de haven, maar kan jullie eventueel een lift geven".

"Dat zou heel fijn zijn".

"Er kunnen twee voorin. De rest zal in de laadbak moeten. Als het goed is, is deze gewoon open. Ik zal niet te hard rijden".

Ruby en Maria gaan in de kabine bij de bestuurder zitten. Ik ga samen met de rest achterin de laadbak. Het erin klimmen gaat alles behalve soepel.

"Heeft iedereen zich goed vast?" vraagt onze chaffeur. Hen kijkt ons aan vanuit de achteruitkijkspiegel.

Samen met de andere drie meiden ga ik akkoord. Het gaspedaal wordt ingedrukt, de motor ronkt even, en de truck maakt zijn weg naar de haven.

~~~~~~~~~~~~

Het heeft een behoorlijke tijd geduurd voor deze update. Ik dacht dat vorig hoofdstuk was geplaatst in Juli, maar dit bleek alweer April te zijn geweest.

Het duurde voornamelijk zolang omdat ik vanaf juli met mijn gezondheid zit te kloten en dus andere prioriteiten heb moeten stellen. Het gaat nog steeds niet goed, maar kan gelukkig nu wel tussen alles door weer focussen op mijn hobby's.

Dit hoofdstuk zou eigenlijk langer worden, maar ik wilde niet te lang wachten met updaten, omdat ik misschien ook wil meedoen aan ONC. Dus alles wat ik nog had gepland voor dit hoofdstuk, zal weer een apart hoofdstuk worden. Wanneer deze online komt kan ik niet zeggen. Wat ik wel weet is dat de hoofdstukken daarna minder lang zouden moeten duren voor ze geupdate worden.

Hopelijk zie ik jullie snel.

Liefs
Ilze

Bạn đang đọc truyện trên: Truyen4U.Com